Jaap Sax (1899-1979)

  • Larense boerderij                        VERKOCHT
  • olieverf op paneel, 40,5 x 50,5 cm, in ene mooie lijst
  • gesigneerd r.o.
  • herkomst; particuliere collectie Enkhuizen
Nicolaas (Jaap) Sax, werd in 1899 in Amsterdam geboren. Hij woonde en werkte in Amsterdam, Laren, Blaricum, BelgiŽ en Limburg. Vanaf 1936 woonde hij in Bergen en maakte hij deel uit van de schildersgroep die later onder de naam Bergense School bekend werd. Hij was o.a. leerling van A.O. Gouwe en schilderde in een impressionistische stijl stillevens en landschappen. In Laren woonde Jaap Sax in het Eikenlaantje. Sax was pas laat tot schilderen gekomen, nadat hij eerst een technisch beroep had uitgeoefend. In een breed impressionisme schilderde hij landschappen en dorpsgezichten in het Gooi, waarbij Breitner de inspirator lijkt. In Kortenhoef was Sax vaak te vinden in het Rechthuis, waar hij eens een deur beschilderde. In zijn tekeningen was hij heel precies. Toen hij naar Bergen wilde verhuizen bood Gestel hem zijn herbouwde atelier aan. Zijn latere werk is kleiner van formaat, minder breed geschilderd en- met grijsgroene kleuren- ingetogen van kleur.

Jaap Sax is bekend voor de geweldige krachtige wijze waarop hij het Noord-Hollands polderlandschap vastlegde. Hij was lid van het Kunst Centrum Bergen te Bergen.
 
Werk van Jaap Sax is o.a. opgenomen in de Rijkscollectie.

 

Jaap Sax
Ontleend aan het boek de Bergensche School door D.A. Klomp, 1943.
Herinneringen aan de Bergensche School, een groep kunstenaars die zich in de jaren na de Eerste Wereldoorlog in Bergen vestigden.
 
Als jongen heeft Jaap Sax veel getekend en geschilderd, wat geen verwondering behoeft te wekken, aangezien hij van moederszijde van de schildersfamilie Koekoek stamt. Zijn vader bestemde hem evenwel voor een technisch vak, dat hij tot zijn 28e jaar uitoefende. Tenslotte werd het hem te machtig en zette hij zijn wil, om schilder te willen worden, door. Een jaar lang kreeg hij les van H.A. Gouwe, waarna hij zich in het Gooi vestigde. Hij is dus wat men noemt een autodidact. De laatste jaren exposeert hij geregeld op de tentoonstellingen van St. Lucas en organiseerde hij eigen tentoonstellingen in Amsterdam en Nijmegen. Op de grote tentoonstelling "De kunst van Heden" , werd door de regering een schilderij van hem aangekocht
 
Sinds 1936 werkte Jaap Sax in Bergen in het herrezen atelier van Leo Gestel. Toen ik Sax daar bezocht, kwam het gesprek allereerst op Gestel en dien kunst en reeds dadelijk hadden wij contact met elkaar, aangezien Sax in het Gooi, waar hij van 1927 tot 1935 had gewerkt, veel met Gestel, voor wiens kunst hij grote bewondering voelde in aanraking was gekomen. "Ik woonde toen", zo vertelde hij, "in het atelier waar Koeman, die thans ook in Bergen woont, heeft gewerkt " en het is wel eigenaardig, dat ik hier van de schilders het meest contact heb gekregen met Essers en Koeman.
 
Gestel, vertelde Sax, was niet alleen een groot schilder, maar ook een fijn mens. In Blaricum heb ik met de schilders veel plezier gehad, vooral gedurende het carnaval. Wij schilderden daar dan dagen van te voren bij Hamdorff. Alleen Gestel en David Schulman hielden zich daarvan afzijdig. Juist door Gestel ben ik gaan inzien, dat de sfeer van de cafe-gezelligheid, te vaak oorzaak is, dat je niet werkt. Ook om aan die invloed te ontkomen ben ik naar Bergen gekomen en ik heb tot mijn voordeel ervaren dat hier de arbeid overheerst.
 
Jaap Sax, die voor hij naar Bergen kwam, op grote doeken, wild-impressionistisch, met grote streken schilderde, heeft zijn pallet geheel veranderd. Hij schildert thans landschappen van kleiner formaat in een grijs-groene kleur. Hij schildert van binnenuit, en is tot de conclusie gekomen dat dit de enige weg is. Zijn scheppingsdrang wordt niet gestimuleerd door de vitaliteit van een kunstenaarsschap, dat behoefte heeft vorm te geven aan ideeŽn of gebeurtenissen, maar door de instinctieve zekerheid, dat de beschouwelijkheid de drijfveer en het doel van de schilderkunst moet zijn. Zijn kunst wijst op het gevoel voor licht en kleur. Zijn hoofdkleur is een naar het grijs gaand groen en grijs, doch het grijs domineert. Er valt een streven in waar te nemen, in de grijze kleuren alle nuances uit te drukken. Van een doorgevoerd intellectualisme moet Sax niets hebben. Toen hij in Amsterdam werkte viel in zijn werk de grote bewondering, die hij voor Breitner koestert, te onderkennen.
 
Reeds in het eerste jaar waarin hij in Bergen woonde voltrok zich een verandering in zijn werk. Het gehele landschap rond Bergen inspireerde hem daartoe. Sax houdt ook veel van de polder en het water, dat men in het Gooi mist. Ook het winterlandschap trekt hem en met voelt in de daaraan gewijde doeken de stilte van de winter.  Het wonderlijke van zijn nieuwe werk is, dat hij, die vroeger zijn landschappen naar de natuur schilderde, thans wel zijn impressies buiten opdoet, doch het onderwerp op het atelier thans zo uitwerkt, dat het niet meer een natuurlijke weergave genoemd kan worden, al vertoont het het karakter van het landschap. De heer Boedemaker, die dit werk pas einde 1939 op een tentoonstelling leerde kennen, is nu geregeld koper van zijn werk geworden. Ook voor de landschappen van Sax toont deze kunstkenner grote belangstelling. 
 
Jaap Sax is een schilder, die er graag met zijn fiets op uittrekt, zich met weinig kan behelpen en rotsvast er van overtuigd is dat hij er komt, al is zijn leven als schilder niet gemakkelijk geweest. Van een ding heeft hij slechts spijt, n.l. dat hij niet veel eerder met schilderen begonnen is. Als je alleen bent, zo verzekerde hij mij, "kun je meer aan je werk geven dan anders". Hoe moeilijk het vak ook is, toch beoefen ik het met groot plezier, want ik schilder nu eenmaal graag. Ik houd van het schilderen als vak, aldus besloot Sax ons onderhoud.
 
D.A. Klomp
Bergen, 1943

Ga terug