Adriaan Herman Gouwe (1875 - 1965)

  • Stilleven met anemonen in een vaas
  • olieverf op doek, 45,5 x 35 cm, in een nieuwe lijst   
  • gesigneerd, voluit r.o.                           VERKOCHT

Adriaan Herman Gouwe werd in 1875 in Alkmaar geboren. Hij woonde en werkte in Amsterdam, ItaliŽ, Rome, Den Haag, Gulpen, Zuid Limburg, Blaricum, Frankrijk, Spanje, Marocco . Laren, Eemnes, BelgiŽ en Maastricht. In 1927 vertrok hij naar Tahiti. Alleen in 1959 kwam hij voor korte tijd terug naar Nederland.

Gouwe was leerling van de Rijks School voor Kunstnijverheid o.l.v. August Allebe en N. van der Waay en hij behaalde in 1901 de Prix de Rome. Schilderde tekende en etste veel Limburgse landschappen en vooral ploegende paarden. Later meer gezichten op Tahiti.

Geboren en getogen in Alkmaar, stammend uit een goed nest en door de gemeenschap in de wieg gelegd om net als zijn vader notaris te worden, maar door hogere machten voorbestemd om uit te groeien tot een vermaarde schilder. In de kring van kenners, zeer gerespecteerd om zijn zoektocht naar de ware schilderkunst. Herman Gouwe, een rusteloos bohťmien die  uitkwam op het vergeestelijk schilderen.

Gouwe begon zijn opleiding bij de Alkmaarse decoratieschilder Luitenet. Na zijn opleiding aan de Amsterdamse Akademie stelde de erfenis van zijn inmiddels overleden vader hem in staat om een paar jaar te reizen. De beurs, verbonden aan de Prix de Rome stelde hem opnieuw in staat te reizen. Hij trok naar ItaliŽ, maar ook naar Frankrijk een Spanje.

Aanvankelijk schilderde Gouwe in de traditionele stijl van de Haagse School. Tijdens een kort verblijf in Parijs raakte hij nog niet in de ban van de vernieuwingen die daar plaats grepen. Later troonde zijn studiegenoot, Jhr Rob Graafland hem mee naar Zuid-Limburg en vanaf 1908 was hij elke lente en zomer in de dorpen rond Maastricht te vinden. Elk najaar toog hij weer naar Amsterdam. Na een scheiding van zijn vrouw en wie hij zijn vaders erfenis liet, bleven geldzorgen hem als een rode draad door zijn leven volgen. Critici en kopers ontdekten Gouwe rondom 1909. Gouwes Zuid-Limburgse landschappen en ploegende paarden werden op zijn eerste tentoonstelling  bij St Lucas goed verkocht.

Gouwe zocht in de gemoedelijke blije sfeer van Zuid-Limburg, de rust om in vrijheid te experimenteren en te werken aan zijn artistieke ontwikkeling, ver van opdrachtgevers en critici. De ploegende paarden achtervolgden Gouwe zijn hele leven, de werkknollen waren zijn handelsmerk geworden. Veel later, toen Gouwe al lang op Tahiti zat, werd hem nog steeds gevraagd paarden te leveren.

Gouwe is vooral geÔnspireerd geraakt door het werk van Jan Sluyters, Leo Gestel en Piet Mondriaan. En met name van die laatste vernieuwende kunstenaar wist Gouwe zich zijn hele leven te herinneren wat hem raakte toen hij  in 1909 de zalen van het Stedelijk Museum in Amsterdam betrad; Bij binnenkomst in de expositiezaal was de eerste indruk een van licht en ruimte. Figuur, landschapen en bomen in lichte, primaire kleuren end e compositie een delicate tekening, waarin zich ene zeker ritme deed kennen, gaf synthese tot het sujet dat hij behandelde. Hij steeg uit de materieel natuurlijke vormen op naar het geestelijk abstracte

Het is die geestelijke werkwijze die Gouwe zelf nastreeft als hij op Tahiti zijn draai gevonden heeft. Hij heeft er bijna 40 jaar geleefd en gewerkt. Er waren periodes van armoede: hij had geen schoenen aan zijn voeten, kon alleen vis en vruchten eten en stapte in een lende doek rond. Het tweeslachtige was, dat hij de armoede nooit heeft kunnen accepteren. Wel wilde hij uit de Europese geldjacht zien los te komen, hij streefde geen rijkdom na, aar wilde wel onbekommerd materialen kunnen kopen.

Vanaf 1933 vond hij de balans tussen opdrachten en zijn vrije werk. Hij wilde de natuur niet schilderen vanuit de waarneming, maar vanuit zijn geest. Hij wilde niet vervallen in het schilderen van clichťs zoals zoveel anderen dat deden die zich op de Polynesische eilanden vestigden. Gouwe wilde geen realiteit kopiŽren, maar een realiteit tonen zoals niemand die ooit gezien had. Dat vroeg om doordringen in onderwerp, persoon en natuur. Het leidde tot felle, lichtintense, brutaal geschilderde doek. Stevig in de verf, materiaal van opzet geestelijk in uitvoering

Eind 2004 organiseerde het Maastrichtse Museum Spaans Gouvernement een tentoonstelling geweid aan het werk van Herman Gouwe. Op Tahiti moet nog veel werk van Gouwe in bezit van verzamelaars zijn. Ten onrechte neemt Gouwe in Nederland een bescheiden plaats in binnen de vaderlandse kunstgeschiedenis. Opvallend genoeg worden zijn werken tegen fikse prijzen verhandeld. Op de TEFAF wordt voor een goede Gouwe grif een prijs van 40.000,- euro neergeteld.

Bron; Noord Hollands dagblad 2 december 2004.

Ga terug